Uitleg ‘pensioengerechtigde leeftijd’

Bron: Gerechtshof ’s-Hertogenbosch ECLI:NL:GHSHE:2016:1083

Het hof ’s-Hertogenbosch boog zich recentelijk over de vraag of het begrip ‘pensioengerechtigde leeftijd’ in een pensioenontslagbeding moest worden uitgelegd als de AOW-gerechtigde leeftijd of als de pensioendatum in het pensioenreglement.

In de in 2012 gesloten arbeidsovereenkomst van de werknemer stond: ‘De arbeidsovereenkomst wordt aangegaan voor onbepaalde tijd. De arbeidsovereenkomst eindigt echter in elk geval van rechtswege bij het bereiken van de op dat moment geldende pensioengerechtigde leeftijd.’ (het pensioenontslagbeding).

In het bijbehorende Arbeids-reglement stond dat de pensioengerechtigde leeftijd bij de werkgever 65 jaar is. De werkgever kiest in 2014 voor een nieuwe pensioenregeling en wijzigt het Arbeidsreglement in die zin dat naar de nieuwe pensioenregeling wordt verwezen. Daarin komt het begrip ‘pensioengerechtigde leeftijd’ niet voor. Wel is opgenomen dat de pensioendatum in beginsel de eerste dag van de maand is waarin de werknemer 67 jaar wordt, maar dat deze ook eerder met pensioen mag gaan.

De werkgever meent dat de arbeidsovereenkomst op basis van het pensioenontslagbeding bij het bereiken van de AOW-gerechtigde leeftijd zal eindigen en zegt daarom per die datum de arbeidsovereenkomst op. De werknemer meent dat de arbeidsovereenkomst pas op 67 jaar mag eindigen en vordert wedertewerkstelling. De kortgedingrechter wijst dit af. De werknemer gaat in hoger beroep en het hof moet beoordelen of het pensioenontslagbeding inhoudt dat de arbeidsovereenkomst eindigt op de AOW-leeftijd, 65 jaar en 3 maanden voor de werknemer, of op de leeftijd van 67 jaar.

Oordeel hof

Uit de bewoordingen ‘de op dat moment geldende pensioengerechtigde leeftijd’ zoals opgenomen in het pensioenontslagbeding, leidt het hof af dat het uitdrukkelijk de bedoeling is geweest dat het einde van de arbeidsovereenkomst niet afhankelijk kan zijn van de wil van een van de partijen. Nu in de pensioenregeling van een flexibele pensioendatum wordt uitgegegaan, ligt het niet voor de hand dat partijen met de term ‘pensioengerechtigde leeftijd’ in de arbeidsovereenkomst aan hebben willen sluiten bij de pensioenregeling. Wel acht het hof het aannemelijk dat beoogd is aan te sluiten bij de AOW-gerechtigde leeftijd. De AOW-gerechtigde leeftijd is een objectief gegeven en bovendien wordt volgens het hof met het begrip ‘pensioengerechtigde leeftijd’ volgens normaal spraakgebruik de AOW-leeftijd bedoeld. Het hof wijst de vorderingen van de werknemer dan ook af.

Commentaar

Uit deze uitspraak volgt dat een wijziging in een pensioenregeling niet snel een wijziging van de einddatum van de arbeidsovereenkomst met zich zal brengen. Als dat wordt beoogd, dan doen partijen er goed aan dit duidelijk vast te leggen.

Door de invoering van de Wet werk en zekerheid kunnen werkgevers arbeidsovereenkomsten die zijn aangegaan voor het bereiken van de AOW-gerechtigde leeftijd eenzijdig opzeggen wegens het bereiken van de AOW- of pensioengerechtigde leeftijd. Werkgevers kunnen zich dus afvragen of het nog nodig en/of verstandig is om een pensioenontslagbeding in de arbeidsovereenkomst op te nemen.

Dit artikel is ook verschenen in OR Informatie op 17 mei 2016.

Auteur(s)

  • Ester DamenEster Damen