Een concurrentiebeding in een tijdelijke arbeidsovereenkomst: wanneer mag het wel?

Sinds 1 januari 2015 is een concurrentiebeding in een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd slechts geldig indien is gemotiveerd waarom zwaarwegende bedrijfsbelangen dit beding noodzakelijk maken.

4 uitspraken

Inmiddels is vier keer aan de rechter voorgelegd of de motivering van een concurrentiebeding voldoende was. Tweemaal werd het concurrentiebeding niet geldig geacht; in twee andere gevallen beoordeelde de rechter dat de motivering wél als voldoende en was het beding dus rechtsgeldig was.

2x niet geldig

Eerder schreef ik al over de DPA-zaak van Kantonrechter Amsterdam van 23 juli 2015. Het betrof een consultant die op detacheringsbasis werkzaam was. Omdat niet was omschreven welke specifieke kennis en/of vertrouwelijke bedrijfsinformatie de consultant bij DPA zou vergaren was het concurrentiebeding volgens de rechter niet voldoende gemotiveerd en dus nietig.

Op 24 maart 2016 oordeelde Kantonrechter Amsterdam wederom dat een opgenomen concurrentie- en relatiebeding in een tijdelijke arbeidsovereenkomst niet geldig was, nu een deugdelijke motivering ontbrak. Het ging nu om een arbeidsovereenkomst van een adviseur bij Continu, een onderneming op het gebied van bemiddeling in de bouwsector. Als motivering van het concurrentie- en relatiebeding is opgenomen: “De functie van adviseur geeft werknemer toegang tot belangrijke informatie, waaronder tarifering en marges, van zowel werkgever zelf als van de opdrachtgevers van werkgever.”

Deze motivering is volgens de rechter onvoldoende. Niet duidelijk is om welke specifieke werkzaamheden het gaat die een concurrentiebeding noodzakelijk maken. Evenmin is het begrip “belangrijke informatie” onvoldoende omschreven. De kantonrechter oordeelt dat het concurrentiebeding en het relatiebeding nietig zijn.

2x geldig

Kantonrechter Utrecht oordeelde op 19 februari 2016 dat een concurrentiebeding in een arbeidsovereenkomst van zeven maanden rechtsgeldig was. Het ging om een Sales medewerker bij een pakketservice. In de arbeidsovereenkomst was een concurrentiebeding opgenomen met de volgende motivering: “Werknemer krijgt in de uitoefening van zijn functie toegang tot alle essentiële bedrijfsgegevens, waaronder prijstactieken en prijsstellingen, volumes en andere strategische klantinformatie.” De kantonrechter achtte deze motivatie voldoende. Voldoende aannemelijk was dat de werknemer beschikte over concurrentiegevoelige informatie over werkgever. De rechter beperkt het concurrentiebeding wel van 12 naar 2 maanden.

Ook kantonrechter Arnhem achtte een concurrentiebeding in een tijdelijke arbeidsovereenkomst rechtsgeldig. Opvallend is dat het hier niet een werknemer betreft in een sales functie, maar een zwembadmonteur. Bij het concurrentiebeding was opgenomen dat dit beding noodzakelijk was omdat de werknemer bij de uitvoering van zijn werkzaamheden “kennis neemt van klantenlijsten, prijslijsten, kostprijzen, leveranciersgegevens en know-how van de werkgever.” Volgens de rechter heeft de werkgever de zwaarwegende bedrijfsbelangen daarmee voldoende duidelijk gemaakt. Ook laat de rechter meewegen dat de werkgever de kennis van haar monteurs op peil houdt door hen regelmatig op cursus te sturen.

Soortgelijke motivering, verschillende uitkomsten

In alle vier de uitspraken was de motivering algemeen en niet specifiek voor de onderneming van de werkgever en de functie van de werknemer. Toch achtte Kantonrechter Arnhem en Kantonrechter Utrecht de motivering voldoende voor instandhouding van het concurrentiebeding. Kantonrechter Amsterdam hanteert echter de strikte lijn zoals die ook door de wetgever is beoogd, namelijk dat een concurrentiebeding in een tijdelijke arbeidsovereenkomst een absolute uitzondering moet zijn.

Tips voor de praktijk

Als een werkgever ervoor kiest een werknemer een tijdelijke arbeidsovereenkomst aan te bieden maar met een concurrentie- en/of relatiebeding, is het raadzaam in de arbeidsovereenkomst zelf zo uitvoerig mogelijk uit te leggen over welke specifieke bedrijfsgevoelige informatie de werknemer kan beschikken. Hoe specifieker de belangen van de werkgever bij het opnemen van een concurrentiebeding kunnen worden benoemd, des te groter is de kans dat het concurrentiebeding stand zal houden. Ook is het raadzaam zorgvuldig te kijken voor welke functies een concurrentiebeding daadwerkelijk noodzakelijk is.

Auteur(s)

  • Marita HoogeveenMarita Hoogeveen