Ben je verplicht te melden dat de transitievergoeding bestaat?

Bij een beëindiging met wederzijds goedvinden is een werkgever niet verplicht de transitievergoeding te betalen. Maar moet hij de werknemer er wel op wijzen dat deze vergoeding bestaat?

Vorige maand schreef ik over de mogelijkheden om betaling van de transitievergoeding te voorkomen. De transitievergoeding is verschuldigd als de werknemer langer dan twee jaar in dienst is van de werkgever en de werkgever de arbeidsovereenkomst opzegt, ontbindt of niet verlengt. De transitievergoeding geldt niet bij een beëindiging met wederzijds goedvinden (de beëindigingsovereenkomst). Desalniettemin zal er reflexwerking vanuit gaan en zullen werknemers niet gauw akkoord gaan met minder dan de transitievergoeding. Hierop geldt uiteraard een uitzondering, namelijk voor de werknemer die niet weet dat hij mogelijk recht heeft op een transitievergoeding. Is de werkgever dan verplicht de werknemer daarop te wijzen?

Goed werkgeverschap

Onlangs oordeelde de rechter dat er geen meldingsplicht over de transitievergoeding geldt bij de onderhandelingen over een beëindigingsovereenkomst. De zaak waarin de uitspraak werd gedaan zit als volgt in elkaar. De werknemer had een beëindigingsovereenkomst gesloten waarbij hij uit dienst zou treden zonder vergoeding. De werknemer vorderde bij de rechter betaling van de transitievergoeding. Zijn eerste argument was dat de beëindigingsovereenkomst als een opzegging moest worden gezien. In dat geval zou immers op grond van de wet wel een transitievergoeding verschuldigd zijn. Dit verwierp de kantonrechter. Partijen beoogden duidelijk met wederzijds goedvinden uit elkaar te gaan. Het tweede argument was dat de werkgever hem op grond van “goed werkgeverschap” had moeten mededelen dat de transitievergoeding bestond.

Geen meldplicht

De kantonrechter oordeelde eerder dat met de WWZ bewust verschillende meldingsplichten voor de werkgever zijn gecreëerd. Geen daarvan gaat over een algemene spreekplicht voor de werkgever om bij de onderhandelingen over het einde van de arbeidsovereenkomst te wijzen op de mogelijke aanspraak op de transitievergoeding. Deze plicht volgt ook niet uit het beginsel van goed werkgeverschap. Immers, op grond van de wet geldt nu 14 dagen de mogelijkheid om de beëindigingsovereenkomst te herroepen. Dat is voldoende tijd om als werknemer informatie in te winnen over de rechten en plichten bij de beëindiging van de arbeidsovereenkomst en de financiële voorwaarden daarbij. Met andere woorden; de werknemer had zelf voldoende tijd om onderzoek te kunnen doen.

De kantonrechter in Utrecht heeft duidelijk gesproken: er geldt geen meldingsplicht over de transitievergoeding bij de onderhandelingen over een beëindigingsovereenkomst. De werknemer wordt voldoende beschermd door de mogelijkheid om binnen 14 dagen zijn instemming met de beëindigingsovereenkomst te herroepen. Uiteraard ontstaat een andere situatie wanneer de werkgever de werknemer onwaarheden vertelt. Blijf je daarom altijd als goed werkgever gedragen.

Dit artikel is ook als blog verschenen op Management Team (MT.nl) op 27 januari 2016.

Auteur(s)

  • Eva KnipschildEva Knipschild